Bediendeel SK-LCD Button – beknopte gebruikershandleiding
Beknopte gebruikershandleiding voor het Trikdis-bediendeel SK-LCD Button met druktoetsen en display voor de alarmcentrale FLEXi SP3: het display en de toetsen, in- en uitschakelen, nachtmodus en thuismodus, gebruikerscodes, zones overbruggen, noodmeldingen, helderheid en volume, de symbolen op het display.
- 6 min lezen
- Fabrikant: Trikdis
1. Overzicht van het bediendeel
De cijfers in de afbeelding geven de indicaties en toetsen van het bediendeel aan:

- Datum
- Tijd
- Toestandsindicatie van het gebied (de partitie)
- Toetsen voor de bediening van de partities
- Menutoets
Trikdis SK-LCD drukknop toetsenpaneel
2. Het alarmsysteem in- en uitschakelen
2.1 Het alarmsysteem INSCHAKELEN (afwezig)
- Controleer of geen enkele zone open (geschonden) is.
- Druk op de toets [
]. - Voer de gebruikerscode in.
- Kies het gebied.
- Druk op de toets [
]. - Verlaat het gebied binnen de vertragingstijd.
Als het systeem ingeschakeld is, verschijnt het pictogram
op het display.
2.2 Het alarmsysteem UITSCHAKELEN
- Voer de gebruikerscode in.
- Kies het gebied.
- Druk op de toets [
].
Als het systeem uitgeschakeld is, verschijnt het pictogram
op het display.
2.3 NACHT- / SLAAPMODUS
De buitenschil van het gebouw is beveiligd, binnen kunt u zich vrij bewegen. Het openen van een deur of raam geeft alarm.
- Druk op de toets [
]. - Voer de gebruikerscode in.
- Kies het gebied.
- Druk op de toets [
]. - De NACHTMODUS wordt meteen ingeschakeld.
Het pictogram
verschijnt op het display als de NACHTMODUS actief is.
2.4 THUISMODUS / STAY
Bij binnenkomst is er een vertraging. Binnen kunt u zich vrij bewegen.
- Druk op de toets [
]. - Voer de gebruikerscode in.
- Kies het gebied.
- Druk op de toets [
]. - De THUISMODUS wordt meteen ingeschakeld.
Het pictogram
verschijnt op het display als de THUISMODUS actief is.
Om de toestand van een gebied te wijzigen, volstaat het de gebruikerscode in te voeren en het gewenste gebied te kiezen. Om ingevoerde opdrachten te wissen, drukt u op de toets [
].
3. Codes aanmaken, wijzigen en wissen
3.1 Een nieuwe code invoeren / een bestaande code wijzigen
Zo voert u een nieuwe gebruikerscode in of wijzigt u een bestaande:
- Druk op [
] en daarna op de toets [0] - Voer de mastercode in (standaard: 1234)
- Voer het tweecijferige volgnummer van de gebruiker in (bijv. 02)
- Voer de nieuwe code twee keer in
- Kies de gebieden die aan de gebruiker worden toegewezen
- Druk op de toets [
].
Om af te sluiten, drukt u nogmaals op de toets [
].
Opmerking
- Het volgnummer van de mastercode: [01]
- De codes bestaan uit 4 cijfers.
3.2 Een gebruikerscode wissen
Zo wist u een gebruikerscode:
- Druk op [
] en daarna op de toets [0] - Voer de mastercode in
- Voer het tweecijferige volgnummer van de gebruiker in (bijv. 02)
- Druk op de toets [
]. (U hoort dan een bevestigingssignaal.) - Druk op de toets [
].
Om af te sluiten, drukt u nogmaals op de toets [
].
4. Zones overbruggen (BYPASS)
Een overbrugde zone (BYPASS) geeft geen alarm; het systeem kan zonder die zone worden ingeschakeld.
4.1 Overbrugging activeren
Zo overbrugt u een of meer zones:
- Druk op [
] en daarna op de toets [6] - Voer de gebruikerscode in.
- Voer het tweecijferige nummer van de zones in. U kunt er ook meerdere na elkaar invoeren, bijv. 05 en daarna 11.
- Druk op de toets [
]. (Het pictogram
verschijnt op het display als er een overbrugde zone is.)
4.2 Overbrugging opheffen
Herhaal de stappen voor het activeren.
5. Noodmelding, branddetectoren resetten
5.1 Een noodmelding versturen
- Politie – houd de toets [1] 3 seconden ingedrukt
- Medische hulp – houd de toets [4] 3 seconden ingedrukt
- Brandweer – houd de toets [7] 3 seconden ingedrukt
Opmerking: werkt alleen met een actief abonnement op bewaking door een meldkamer
5.2 Brand- (rook-) detectoren resetten
Na een brand- of rookmelding moeten de detectoren via het bediendeel worden gereset:
- Houd de toets [
] 3 seconden ingedrukt
Opmerking: de brand- en/of rookdetectoren worden na een melding niet automatisch gereset. U moet ze handmatig resetten.
6. Instellingen voor licht en volume
De helderheid van het bediendeel en het volume van de toetsen stelt u als volgt in via het menu.
6.1 Helderheid van de toetsen
Zo stelt u de sterkte van de achtergrondverlichting van de toetsen in:
- Druk op [
] en daarna op de toetsen [5] en [3] - Stel de helderheid in met de toetsen [2] / [8]
- Opslaan met [
], afsluiten met [
]
6.2 Helderheid van het lcd-display
Zo stelt u de achtergrondverlichting van het lcd-display in:
- Druk op [
] en daarna op de toetsen [5] en [2] - Stel de helderheid in met de toetsen [2] / [8]
- Opslaan met [
], afsluiten met [
]
6.3 Volume van de druktoetsen
Zo stelt u de sterkte van het geluidssignaal bij het indrukken van een toets in:
- Druk op [
] en daarna op de toetsen [5] en [1] - Stel het volume in met de toetsen [2] / [8]
- Opslaan met [
], afsluiten met [
]
6.4 Stand-byverlichting uitschakelen
Met deze instelling bepaalt u of de achtergrondverlichting van het bediendeel ook blijft branden wanneer het apparaat naar de stand-bymodus overschakelt (dus wanneer er een tijdje geen toets is ingedrukt).
- Druk op [
] en daarna op de toetsen [5] en [4]. - Met de toets [1] stelt u in dat de achtergrondverlichting ook in de stand-bymodus blijft branden, met de toets [2] dat ze dan uitgaat.
- Opslaan met [
], afsluiten met [
].
7. Betekenis van de symbolen
De symbolen op het display en hun betekenis:
| Symbool | Betekenis |
|---|---|
![]() |
Centrale niet verbonden |
![]() |
Partitie 1 ingeschakeld |
![]() |
Partitie 4 uitgeschakeld |
![]() |
Partitie 2 in thuismodus |
![]() |
Partitie 3 in slaapmodus |
![]() |
MENU-toets |
![]() |
Functietoets ENTER |
![]() |
Partitie |
![]() |
Alarm |
![]() |
Brand |
![]() |
Gebruikerscode |
![]() |
Gebruiker |
![]() |
Inloop/uitloop |
![]() |
Open zone |
![]() |
Overbrugging |
![]() |
Geheugen |
![]() |
Storing |
![]() |
Lijst met systeemstoringen |
![]() |
Storing netspanning |
![]() |
Storing accu |
![]() |
Overstroom AUX |
![]() |
Tijd niet ingesteld |
![]() |
Overstroom sirene |
![]() |
Sirene ontbreekt |
![]() |
Storing brandlus |
![]() |
Lijst met netwerkstoringen |
![]() |
Storing meldkamer 1 |
![]() |
Storing cloudverbinding |
![]() |
Storing simkaart |
![]() |
Storing pincode simkaart |
![]() |
Storing netwerk simkaart |
![]() |
Storing wifi |
![]() |
Storing RS485-interface |
![]() |
Storing simkaart 2 |
![]() |
Storing LAN |
![]() |
Draadloos: batterij bijna leeg |
![]() |
Storing voeding |
![]() |
Storing sirene |
![]() |
Storing sabotage |
![]() |
Storing antimasking |
![]() |
Storing draadloos |
![]() |
Storing uitbreidingsmodule |
![]() |
Instellingen |
![]() |
Volume |
![]() |
Helderheid lcd |
![]() |
Helderheid bediendeel |
![]() |
Stand-byverlichting O-Aan / I-Uit |
![]() |
Info |
Het bediendeel SK-LCD Button beheert 64 zones en 8 gebieden (partities). De gebieden kunnen aan afzonderlijke bediendelen worden toegewezen; het bediendeel toont dan alleen de toestand van de toegewezen gebieden. Deze functie is beschikbaar vanaf firmwareversie FW:SP3_xxx4_0121 van de alarmcentrale.
8. Veiligheidsvoorschriften
Let op!
Elektriciteit kan gevaarlijk zijn en persoonlijk letsel of de DOOD veroorzaken, evenals andere financiële verliezen of schade als het niet correct wordt gebruikt of geïnstalleerd.
De installatie omvat werkzaamheden aan elektrische apparatuur en dient te worden uitgevoerd in overeenstemming met de geldende voorschriften.
Voor geldigheid van de garantie dient het apparaat te worden geïnstalleerd door een gekwalificeerde persoon die de installatievoorschriften voor elektrische apparatuur naleeft en de geldende voorschriften voor de veilige bediening van elektrische apparatuur in acht neemt.
- Het bediendeel mag alleen door een vakkundig persoon worden geïnstalleerd en onderhouden.
- Wijzigingen, aanpassingen of reparaties die niet door de fabrikant zijn goedgekeurd, leiden tot verlies van de garantie.
- Houd u aan de plaatselijke afvalvoorschriften: gooi het apparaat niet bij het huishoudelijk afval – lever het afgedankte apparaat in als elektronisch afval.
Zie ook
- Gebruikershandleiding FLEXi SP3 – de bediening van het systeem, de Protegus 2-app en de storingsmeldingen.
- Handleiding van de alarmcentrale FLEXi SP3 – het aansluiten en instellen van de bediendelen (voor installateurs).















































